Posts tonen met het label Tweede Wereldoorlog. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Tweede Wereldoorlog. Alle posts tonen

maandag 25 mei 2026

Familiegeschiedenis : wrede lotgevallen van de familie Polak in de Oost, 1942-1946

Jaren geleden plaatste ik een post “Verre slachtoffers van oorlog en geweld”, waarin ik  een rouwadvertentie opnam, die was geplaatst in het najaar van 1945 in een Surinaamse krant met het bericht dat John Polak in de Oost was overleden en zijn enige zoon John 17 jaar oud was vermoord.


Familieadvertentie in De West, november 1945
Bron: www.delpher.nl
Deze advertentie verscheen ook in de krant Amigoe di Curaçao
november 1945
Bron: www.delpher.nl.

Tijdens een recent onderzoek naar de Oost-Indische avonturen van Alice en Josephine Tjin Kon Fat, twee nichten van mijn grootmoeder Reine Adele Simons, werd ik toch benieuwd naar de omstandigheden waaronder dr. John Polak en zijn zoon in de Oost het leven lieten.

Zoeken op de volgende namen John Evert Polak, John E. Polak en J.E. Polak in de krantenpagina van Delpher  https://www.delpher.nl/nl/kranten leverde heel veel relevante treffers op. Maar ik beperk me nu tot de periode 1942-1946. Dat wil zeggen : de jaren van de oorlog met Japan, de Japanse bezetting van de Oost, het overlijden van John en zijn zoon in die tijd, en de repatriëring naar Nederland van de weduwe en (gehuwde) dochters van John Evert Polak in 1946.

Een adverterntie geplaatst in het Algemeen Handelsblad van 26 oktober 1945 geeft meer informatie over het overlijden van John Evert Polak, met name datum 8 juni 1942 en plaats Malang.

Advertentie in het Algemeen Handelsblad, oktober 1945
Bron: www.delpher.nl

Japan viel op 11 januari 1942 het Nederlandse koloniale rijk in de Oost aan. Na de overgave op 8-9 maart 1942 volgde de Japanse bezetting tot 15 augustus 1945. De  omstandigheden waaronder John Evert overleed zijn mij onbekend. Mogelijk verbleef hij als  gemobiliseerde oud officier na 8 maart in een van de kleinere tijdelijke kampen in Malang. Een burgerkamp werd in Malang pas in november 1942 ingericht. 

 De familie Polak woonde in 1941-1942 even buiten Malang in Batoe. 

Zoon John Edward diende als soldaat bij de infanterie. Hij werd op 8 maart 1942 gevangengenomen in Pengalengan Tanara. Hij was 16 jaar toen hij krijgsgevangene werd, terwijl de dienstplicht gold vanaf 18 jaar. Zeer waarschijnlijk hebben zoon John Polak en zijn ouders elkaar voor het laatst gezien ergens in januari-februari voordat de jongen naar het front vertrok. De jonge John zal wel onkundig zijn geweest van het overlijden van zijn vader in juni. Zijn gegevens op de Japanse interneringskaart  op scan 924 bevestigen zijn identiteit als de zoon van John Evert Polak.

Japanse Interneringskaart van John Polak, geboren 1925
Bron:  https://www.onsland.nl/personen/f5763973-c82b-44e5-9bbf-fa09edd95fce

Een J.E. Polak komt voor op de passagierslijst van het helleschip Maebashi Maru,  dat op 1 februari 1943 naar Singapore vertrok.Is deze J.E. Polak de zoon van dr. John Polak? Op 15-4-1943 vertrok J.E. Polak volgens de NaamlijstKrijgsgevangenen  uit Singapore met de trein om dwangarbeid te verrichten aan de Birmaspoorlijn.

Zoon John  Edward Polak stierf op 8 december 1944 in Khoedji, Thailand. Hij werd slechts 19 jaar oud.

De dochter Mary, die op 22 januari 1942 met  M. Boer trouwde werd op 1 december 1942 opgesloten in de beschermde wijk Malang. Vanaf 1 december 1943 verbleef zij in het vrouwenkamp Lampersari te Semarang. Mary heeft een verslag geschreven over haar internering.

 Repatriëring van de overlevende gezinsleden van John Evert Polak in 1946


Het gezin van John Evert Polak, 1914-1926 in het K.N.I.L stamboek 
Bron : Nationaal Archief NL-HaNA_2.13.04_661_0242

Dr. John Polak en Adriana Wilhelmina Smidt hadden ook nog twee dochters Kitty Jeanne en Mary.

Adriana Wilhelmina Polak-Smidt vertrok op 26 april 1946 op de “Oranje” naar Rotterdam.

Kitty Tol-Polak vertrok samen met haar echtgenoot op 25 juli 1946 op de “Johan van Oldenbarnevelt” naar Amsterdam. Kitty Jeanne Polak trouwde op 5 april 1940 in Batoe met ir. Cornelis Tol. Op 15 februari 1942 werd hun dochter Jeanne Anna Maria in Malang geboren. Heeft deze baby de kampen overleefd?

Mary Boer-Polak vertrok op 1 oktober 1946 zonder haar echtgenoot op de “Kota Inten” naar Rotterdam.Maarten Boer, de echtgenoot van Mary stierf op 31 mei 1943 in Chungkai. Zijn Japanse interneringskaart is te vinden bij het Nationaal Archief.

Tenslotte: er is heel veel informatie te vinden over John Evert Polak (1879-1942), zoon van Maria Dientje Polak-Simons, een tante van mijn hierboven genoemde oma.

Ten eerste is natuurlijk in het Nationaal Archief Suriname zijn gedigitaliseerde geboorteakte te vinden. De rijkste bronnen zijn de stamboeken van het K.N.I.L in het Nationaal Archief in Den Haag. De hele militaire loopbaan van John Evert is daarin beschreven. Zijn aanmelding bij het werfdepot,  zijn reis naar N.O. Indië, functies, militaire rang, standplaatsen en overplaatsingen, verloven, zijn gezin, ontslag, evenals zijn  werkzaamheden in Suriname, voorafgaande aan zijn dienst bij de K.N.I.L  zijn geregistreerd in de hierna volgende stamboeken.

https://www.nationaalarchief.nl/onderzoeken/archief/2.13.04/invnr/@684/file/NL-HaNA_2.13.04_684_0187

https://www.nationaalarchief.nl/onderzoeken/archief/2.13.04/invnr/@661/file/NL-HaNA_2.13.04_661_0242

https://www.nationaalarchief.nl/onderzoeken/archief/2.13.04/invnr/@661/file/NL-HaNA_2.13.04_661_0243

https://www.nationaalarchief.nl/onderzoeken/archief/2.13.04/invnr/@661/file/NL-HaNA_2.13.04_661_0244

Een deel van de vondsten in Delpher in de periode 1914-1926 komt overeen met de gegevens in de stamboeken. Maar na het eervol ontslag in 1926 moest ik het verder doen met de treffers in Delpher.

Zoals al eerder gesteld heb ik me nu beperkt tot de jaren 1942-1945.

zaterdag 16 mei 2026

Familiegeschiedenis : "Tante Jopie"


Passagiersschip "Christiaan Huygens" het grootste schip ooit gebouwd in Nederland in 1927.
Bron: www.delpher.nl













10 mei 1940 : het passagiersschip “Christiaan Huygens”, de trots van de "Stoomvaart Maatschappij Nederland" voer op volle zee ergens in de Indische Oceaan op weg naar Nederlands Oost-Indië. Passagiers genoten van het middagmaal, de gezelschapsspellen en het zonnetje op het dek. En toen kwam de kapitein ergens in de loop van de middag met schokkend nieuws. De boordradio had telegrafisch, het bericht door Radio Scheveningen uitgezonden, ontvangen dat Nederland in oorlog was met Duitsland. Op de Nederlandse radio las de koningin Wilhelmina om 8 uur de proclamatie voor dat de oorlog was uitgebroken. Het nieuws werd op 10 mei in de loop van de ochtend door radio Scheveningen verstuurd naar alle Nederlandse schepen over de hele wereld.  Afhankelijk van de locatie van de “Huygens” kwam het nieuws vanwege het tijdsverschil ergens in de loop van de middag na 12 uur lokale tijd binnen. De stemming aan boord was meteen omgeslagen in boosheid, verdriet en wanhoop (zou ik denken).

De “Huygens” was op 27 april vanuit Genua naar Nederlands Oost-Indië vertrokken. De reis duurde ongeveer een maand, de geplande aankomst was eind mei.

Vanwege de oorlog tussen Engeland-Duitsland die sinds september 1939 woedde was de Noordzee nogal onveilig.  

Bemanning van de "Huygens" oefent vanwege oorlogsdreiging en gevaren op zee
November 1939
Bron: www.delpher.nl

De Nederlandse passagiersschepen naar de Oostelijke kolonie  vanaf december 1939 gingen niet verder dan Genua. Tussen Nederland en Genua reden voor de passagiers boottreinen.
De boottreinen naar Genua voor de afvaart van 27 april 1940
Josefine reisde in een van deze treinen naar Genua
Bron: www.delpher.nl

Op de passagierslijst van 27 april stond ook de naam van J. C.G. Tjin-Kon-Fat, een volle nicht van mijn grootmoeder Reine Adele Simons. De moeder van Reine en de moeder van Josefine Charlotte Garcia Tjin-Kon-Fat waren zusters. Ik heb Josefine gekend als “Tante Jopie”, een frêle oude dame die graag viool en piano speelde. Josefine was met de boottrein naar Genua gereisd om daar op 27 april aan boord van de “Christiaan Huygens” te gaan.

Passagierslijst "Chr. Huygens" 27 april 1940 van Genua naar Batavia
Bron: www.delpher.nl
Een van de passagiers van de "Huygens" mej. J.Ch.G. Tjin Kon Fat
27 april 1940
Bron: www.delpher.nl

Het leven van "Tante Jopie" tussen 1902-1940

Josefine Charlotte Garcia Tjin-Kon-Fat Tante Jopie  Tjin-Kon Fat, kwam in 1902 in Paramaribo ter wereld.

Geboorte van Josefine Charlotte Garcia Tjin Kon Fat,
18 oktober 1902
Nationaal Archief Suriname













Ergens na 1920 reisde ze naar Nederland. Josefine woonde tussen 1924-1940 In Amsterdam. Ze kwam in 1924 uit Woerden naar de hoofdstad.

De jonge Josefine behaalde in Nederland diverse onderwijsaktes.

Geslaagd als gymnastiek onderwijzeres
1925
Bron: www.delpher.nl

Nog een papiertje er bij in 1926
Bron: www.delpher.nl

Eind maart 1932 reisde Josefine op de “St. Marnix van Aldegonde” naar Oost-Indië, maar in hetzelfde jaar was ze  weer terug in Nederland.

Passagierslijst "Marnix van Sint Aldegonde"
30 maart 1932
Bron: www.delpher.nl
Een van de passagiers is Mej. J.C.G Tjin Kon Fat
30 maart 1932
Bron: www.delpher.nl

Voor reizigers van en naar Oost-Indië reden sinds 1927 speciale luxueuze comfortabele boottreinen naar Genua :  uiteraard voor wie het kon betalen. Over de rails duurde de reis één tot anderhalve dag.  De boot van Nederland naar Genua deed er een week over.  Het is niet bekend of Josefine gebruik maakte van de boottrein.

Inlichtingen over de boottrein naar Genua
1931
Bron: www.delpher.nl


De dienstregeling in 1933 van de spoorlijn tussen Genua-Rotterdam
Bron: www.delpher.nl

De route van de boottrein door Nederland, Duitsland, Zwisterland en Italië.
In het najaar van1939 liep deze route door België en Frankrijk.
Bron: www.delpher.nl

Josefine was in ieder geval weer op tijd terug in Nederland om in augustus 1932 examen te doen voor de onderwijsakte als handwerkjuf.

Nog een papiertje : nuttige handwerken
Bron: www.delpher.nl

Ging ze in beide keren in 1932 en 1940 naar Oost- Indië om te werken of op familiebezoek bij haar zuster Alice Khouw-Tjin-Kon-Fat?

De Duitse aanval op 10 mei 1940 zorgde in ieder geval voor een jarenlang gedwongen verblijf in de Oost, zonder dat er enig contact mogelijk was met familie in Nederland en de West.

In maart 1942 werd het Nederlandse koloniale rijk in de Oost veroverd en bezet door Japan. Het Rijk van de Rijzende Zon was een bondgenoot van Nazi-Duitsland.

Josefine zou volgens zeggen vanwege haar Chinese afkomst niet zijn geïnterneerd in een kamp, maar ze heeft het zeker niet gemakkelijk gehad. Net als de Nederlanders en de inheemse Indische bevolking hadden ook de Chinezen zwaar te lijden onder het Japanse schrikbewind.

Na de oorlogsjaren keerde Josefine weer terug in Nederland. "Tante Jopie"overleed ruim 100 jaar oud op 14 januari 2003 in Apeldoorn

Overlijdensbericht van Josefine Charlotte Garcia Tjin Kon Fat,
2003

donderdag 14 mei 2026

Hoe zou het later de kleine "Simon" zijn vergaan?

In mijn vorige post schreef ik over de problemen die de Nederlandsche scheepvaart ondervond om de verbinding met de koloniën in West en Oost te onderhouden tijdens de beginmaanden van de Tweede Wereldoorlog. Zo noemde ik onder andere de scheepsramp van de “Simon Bolivar", een KNSM schip, in november 1939 met ca. 400 opvarenden op weg naar Curaçao. Het schip liep op de 18e van die maand op twee magnetische mijnen van Duitse makelij.

De "Simon Bolivar" was het vijfde Nederlandse schip dat op een mijn liep.
Bron: www.delpher.nl 

De route van de "Simon Bolivar", november 1939
Bron: www.delpher.nl 

Deze ramp kreeg veel aandacht in de media in Nederland, de West en de Oost. Het aantal doden wordt geschat tussen de 84 en 120. De overlevenden werden in Engeland opgevangen.

De "Simon Bolivar" in betere tijden
Bron: www.delpher.nl 

Er zijn oude beelden van de "Simon Bolivar" te zien op:

https://www.youtube.com/watch?v=bR9vSRAF0UI

en https://www.youtube.com/watch?v=cj0S2Bb6lKQ&list=RDcj0S2Bb6lKQ&start_radio=1

Een van de overlevenden was een kleine peuter, die omdat zijn identiteit niet meteen kon worden vastgesteld door de Engelsen, Simon werd genoemd naar het schip. Later bleek hij Reinier Leonardus Matrona te heten. Zijn jonge moeder verdween tijdens een reddingspoging toen de sloep omsloeg, en verdronk. Het knulletje werd gered.

Reinier Leonardus Matrona en de dood van zijn moeder.
Bron: www.delpher.nl 

Maria R. Matrrona, moeder van Reinier Leonardus  in de dodenlijst.
Bron: www.delpher.nl 

Kleine “Simon” kwam groot in het nieuws. Uiteindelijk werd hij geadopteerd door een Rotterdams echtpaar Van der Nat-Peterson.

Adoptie van "Simon"
Bron: www.delpher.nl 

Een krant schreeft dat het een Surinaams kind was, maar hij gezien zijn achternaam was hij van Curaçaose herkomst.

Volgens bijschrift was "Simon" Surinamer, maar dat klopt niet
Bron: www.delpher.nl 

"Simon" en zijn pleegmoeder, mevr. Van der Nat-Peterson.
Bron: www.delpher.nl 


"Simon" zou een van de jongste geredde passagiers zijn

"Simon" in bad.
Bron: wikimediacommons

Hoe zou het later met "Simon" zijn vergaan. Heeft Reinier Leonardus Matrona alias "Simon" de bombardementen in mei 1940 en daarna op Rotterdam en het verdere verloop van de oorlog overleefd?

Meer informatie over de ramp met de “Simon Bolivar” is in de volgende links te vinden.

https://www.tracesofwar.nl/articles/7463/Ondergang-van-de-ss-Simon-Bolivar-18-november-1939.htm

https://www.oorlogsbronnen.nl/thema/Scheepsramp%20Simon%20Bolivar

https://peertube.beeldengeluid.nl/w/hEnr8Nq1Xpte2AwKUWQn8F

https://en.wikipedia.org/wiki/SS_Simon_Bolivar

https://www.historischnieuwsblad.nl/column-annejet-van-der-zijl-over-de-vergeten-scheepsramp-van-1939/

Annejet van der Zijl noemt de doden van deze scheepsramp de eerste Nederlandse oorlogsslachtoffers. Maar er vielen al eerder slachtoffers, namelijk op 8 september 1939 onder de bemanning van de mijnenveger “Ewijk” die tijdens werkzaamheden op zee per ongeluk op een mijn dreef. 

En een dag eerder dan de “Simon Bolivar” werd op 17 november een Nederlandse tanker “De Sliedrecht” ten westen van Ierland door een U Boot tot zinken gebracht. Het nieuws over "De Sliedrecht kwam bereikte pas op 24 november Nederland.

Ook onder de gemobiliseerde militairen vielen door ongelukken en incidenten al voor mei 1940 doden. Zo maakte mijn gemobiliseerde grootvader Willem Bijl tijdens het mijnen leggen mee dat een medesoldaat werd gedood toen een mijn met fabrieksfout ontplofte.

Als de buren oorlog voeren, dan heeft Nederland een probleem

De oorlog die in september tussen Engeland en Duitsland uitbrak na de Duitse inval in Polen had meteen grote gevolgen voor Nederland. Over de mobilisatie eind augustus 1939 heb ik al eerder geschreven. Daar bleef het echter niet bij. Het vliegverkeer tussen Nederland en Oost-Indië werd meteen op 2 september gestopt. Vliegen over het luchtruim van Frankrijk en Duitsland was niet meer mogelijk.

Vliegverkeer tussen Nederland en de Oost gestopt
op 1 september 1939.
Bron: www.delpher.nl

Ook de scheepvaart tussen Nederland en de koloniën in West en Oost kwam in de problemen.

De boottrein vervalt, want de route via Duitsland kon niet meer worden gereden.
Bron: www.delpher.nl

De Engelsen verklaarden een groot deel van het nauw van Calais tot verboden vaarzone. Schepen van niet-strijdende landen zoals Nederland, België en de Scandinavische landen konden slechts door een nauwe zone vlak langs de Engelse kust varen, waar ze door de Engelse marine werden gecontroleerd. De Noordzee was vergeven van mijnen.

Nederlandse schepen namen voorzorgsmaatregelen, er werd in konvooi gevaren, voorafgegaan door sleepboot, voorzien van paravanen om mijnen onschadelijk te maken.

Varen in konvooi, november 1939.
Bron: www.delpher.nl


Varen in konvooi, november 1939.
Bron: www.delpher.nl

Deze bovengenoemde maatregelen hielpen echter niet tegen magnetische mijnen. De "Simon Bolivar" van de KNSM werd op weg naar Curacao voor de Engelse kust geraakt door twee Duitse magnetische mijnen en verging op 18 november 1938.

Ondergang van de Simon Bolivar op 18 november 1939.
Bron: www.delpher.nl

De kranten tussen begin september 1939 en mei 1940 staan bol van de artikelen over de gevolgen voor de scheepvaart naar de Oost. Aan West-Indië werd minder aandacht besteed.

Klachten in Suriname over
de verstoring van de scheepvaart van en naar Nederland
december 1939
Bron: www.delpher.nl

Vanaf 1927 konden passagiers voor Oost-Indië een deel van de bootreis overslaan door met een boottrein vanuit Nederland naar Genua te reizen. Deze extra service werd aangeboden door de Rotterdamse Lloyd en de Scheepvaartmaatschappij Nederland. De treinreis duurde één tot anderhalve dag en scheelde bijna een week dobberen op zee.

Uiteindelijk werd besloten om in december 1939 geen passagiersvaarten vanuit Nederland te organiseren, maar de dienst vanaf Genua te verzorgen. Reizigers konden met speciale boottreinen naar Genua en dan per boot verder. Reizigers uit Indië reisden vanuit Genua met de trein naar Nederland.


Genua wordt vertrek- en eindpunt van de reizen naar de Oost.
Bron: www.delpher.nl


Genua wordt vertrek- en eindpunt van de reizen naar de Oost.
Bron: www.delpher.nl

Het had nogal wat voeten in de aarde om deze treinreizen te organiseren, want de gewone route kon niet meer. Er werden  alternatieve routes gevonden via België en Frankrijk.

Het chaotisch verloop van het vertrek van de eerste boottrein uit Den Haag,
december 1939.
Bron: www.delpher.nl

Ook de reizen met de boottrein verliepen niet altijd vlekkeloos, maar toch liever enkele uren vertraging dan een voortijdige natte dood.

Route van de boottrein naar Genua, en vertraging.
Bron: www.delpher.nl


Gevaar onderweg op de Noordzee.
Bron: www.delpher.nl


Ook de Middellandse Zee is onveilig.
Bron: www.delpher.nl

Bovenstaande fragmenten zijn slechts een heel kleine selectie uit de vloed van lrantenberichten over dit onderwerp.

zaterdag 24 januari 2026

Familiegeschiedenis : de mobilisatie 1939

In de zomermaanden van 1939 waren de politieke spanningen in Europa zo hoog opgelopen, dat de Nederlandse regering 28 augustus het Nederlandse leger onder de wapenen riep : de mobilisatie. 

De mobilisatie werd bekendgemaakt in kranten, op de radio, in bioscoop journaals en via aanplakbiljetten.

Bekendmaking van de mobilisatie 
Bron: www.delpher.nl

Alle dienstplichtigen van de lichting 1924-1938 moesten zich melden. Mijn grootvader Willem Bijl (1904-1986) was van de lichting 1924. Hij kreeg een oorlogszakboekje met waarin zijn gegevens werden vermeld. Willem Bijl werd ingedeeld bij de Genie.


Oorlogszakboekje van Willem Bijl, uitgereikt bij de mobilisatie in 1939


Persoonsgegevens in het 
Oorlogszakboekje van Willem Bijl


Persoonsgegevens in het 
Oorlogszakboekje van Willem Bijl

De eenheid waar mijn grootvader bij behoorde was belast met het leggen van mijnen. Een niet ongevaarlijke klus, want bij het scherpstellen van de mijnen kwam een soldaat bij een explosie om het leven. Fabrieksfoutje.

Versperringen in 1914 vergeleken met antitankmaatregelen in 1939
Bron: www.delpher.nl





Propagandaprent in de winter 1939-1940

 Op 10 mei 1940 eindigde de mobilisatie. Duitsland viel Nederland aan en de oorlog was begonnen.

Na vier dagen strijd en het Duitse terreurbombardement tegen de burgerbevolking van Rotterdam gaf de Nederlandse legerleiding zich op 15 mei over. Er volgende vijf lange bezettingsjaren.

 Willem Bijl werd op 25 mei met groot verlof gestuurd. 

Groot verlof voor de gemobiliseerde troepen, 24 mei 1940


Willem Bijl werd op 25 mei met groot verlof gestuurd

Op 14 augustus leverde mijn grootvader zijn uitrusting in.

Bewijs dat Willem Bijl de militaire goederen had ingeleverd